Posted on

Let hierop als je start met Keto!

Let hierop als je start met Keto!

De overstap naar een keto dieet of keto leefstijl is voor de ene persoon makkelijker dan voor de ander. Dat heeft te maken met je huidige leefstijl, maar ook met de (positieve of negatieve) invloed van je omgeving en soms ook met je ambities als keukenprins(es). Als je eenmaal goed bezig bent met het omgooien van je eetpatroon, dan zijn er wel enkele belangrijke zaken om in de gaten te houden.

1. De keto flu; even doorzetten!

Het keto dieet heeft vele voordelen, waaronder gewichtsverlies, maar kent ook een bijwerking waar je op voorbereid moet zijn. De ‘keto flu’ of keto griep! Kort nadat je gestart bent met de wijziging van je eetpatroon past je lichaam zich aan op het verbranden van vet als primaire bron van energie, in tegenstelling tot koolhydraten (waar je lichaam bekend mee was). De ene persoon heeft deze reactie erger dan de ander, maar je kan je echt beroerd voelen.
Met name de eerste zeven tot tien dagen voel je je mogelijk extreem uitgeput, wat je met name voelt in je ledematen. Iets eenvoudigs als traplopen kan al teveel moeite zijn. Daarnaast kan het zo zijn dat je last krijgt van hersenmist. Leuk? Nee! Maar het is je lijf die even tijd nodig heeft om te schakelen naar iets waar hij biologisch gezien heel goed in is, maar niet meer gewend is: vet verbranden!
Heel praktisch; plan de eerste periode dat je met keto bezig gaat niet teveel zaken in je agenda en doe rustig aan met sporten. Je moet rust kunnen pakken wanneer nodig, geef je lichaam de tijd. Daarna zul je vol verbazing gaan ervaren welke energie je terugkrijgt, zodra je lichaam is overgeschakeld.

2. Drink voldoende (water)

Zodra je start met keto, zul je merken dat je (zeker in de beginfase) vaker naar het toilet moet om te plassen. De reden hiervan is dat de opslag van koolhydraten in je lichaam minder wordt en daar gebruikte je lichaam normaal veel water voor. Dit is ook 1 van de redenen dat je in de beginfase lekker snel afvalt, je verliest veel vocht. Mooi meegenomen als stimulans natuurlijk.
Voorkom dat je uitdroogt en zorg dat je minimaal 2 liter vocht per dag binnenkrijgt. Water is de meest zuivere bron, maar je kan ook groene thee, kruidenthee, koffie of zelfgemaakt vitaminwater gebruiken.

3. Supplementeer met elektrolyten

Op het moment dat je in ketose zit, scheidden je nieren niet alleen meer water uit, maar ook meer elektrolyten. Deze mineralen heeft je lichaam hard nodig voor een aantal belangrijke lichaamsprocessen, zoals geleiding van zenuwprikkels, vochtbalans in je lichaam of de samentrekking van spieren. Symptomen van een te laag elektrolyten gehalte zijn bijvoorbeeld hoofdpijn, spierkramp (vaak in de kuiten) of bijvoorbeeld een doof gevoel en tintelingen in je ledematen.
Zorg dus dat je natrium en kalium binnenkrijgt om je lichaam goed te laten functioneren. Dit kan eenvoudig met daarvoor gemaakte supplementen in tabletvorm of in vloeibare vorm. Een alternatief of aanvullende optie is het toevoegen van extra zout aan je voeding of het dagelijks drinken van een bouillon met wat extra LoSalt mineraalzout.

4. Een bloedtest geeft de beste resultaten

Na een aantal weken ben je natuurlijk benieuwd; ben ik volledig in ketose of niet? En zo ja, hoe sterk zit ik dan in ketose? Er zijn een aantal methoden om vast te stellen of en hoe sterk je in ketose zit. We onderscheiden drie soorten ketonen: aceton, beta-hydroxybutyrate en acetoacetaat, die kunnen elk op verschillende manieren gemeten worden. De drie mogelijkheden zijn meten via adem, bloed of urine.

Het meten via de adem (aceton) kan met behulp van een ketonenmeter. Dit is een behoorlijk betrouwbare manier om te meten.

De urinetest is de minst nauwkeurige van het drietal. Je plast over een ketostrip of dompelt deze in een staal met urine. De verkleuring (van licht roze naar paars) zegt iets over de mate van ketose; hoe donkerder hoe hoger de concentratie aan ketonen.

Meten via het bloed gaat met behulp van een bloedketonen meter, welke op dezelfde manier werkt als een glucosemeter. Met behulp van een druppel bloed die je op een meetstrip plaatst, kun je binnen enkele seconden de hoeveelheid beta-hydroxybutyrate in je bloed meten. Dit is een zeer betrouwbare methode, maar wel wat kostbaarder dan bijvoorbeeld de urinestrips.

Veel werk?

Dit klinkt wellicht als veel werk en ja, in het begin is dat wellicht ook wel het geval. De ervaring leert wel dat je een bepaalde handelingen op een gegeven moment in je eetpatroon en leefstijl hebt opgenomen en zonder nadenken doet. Het geregeld meten van je ketose waarde kun je ook mee stoppen op termijn, dan weet je zelf goed genoeg hoe je lichaam reageert en hoe je er voor staat. Kortom; even doorzetten en dan ga je vanzelf profiteren van de voordelen van je nieuwe keto leefstijl!
Een Keto dieet handhaven en de juiste maaltijden bereiden, is vaak tijdrovend. Met Jake nemen we jouw zorgen weg. Per maaltijd verpakt, 100% vegan en 30 dagen niet-goed-geld-terug garantie.

Ontdek de Jake Keto Shake
Posted on

Voedselverspilling: het probleem en de oplossingen

voedselverspilling

Op dit moment zijn kakkerlakken actiever bezig om het milieu te redden dan jij. Een hyperbool? Niet als je ooit je restjes van je bord hebt weggegooid, of meer hebt ingeslagen dan je in een week kon klaarmaken. Je bent deel van het probleem van voedselverspilling. Maar net zoals kakkerlakken, kun je ook deel zijn van de oplossing.

Voordat we ontdekken hoe dat zit, gaan we eerst dieper op de huidige staat voedselverspilling in.

voedselverspilling

Hoe serieus is het voedselverspillingsprobleem?

In een wereld met 7.7 miljard mensen – dezelfde wereld waar we embryo’s van stamcellen kunnen maken en een menselijk oor 3D printenBron: Princeton University – 1 op de 10 mensen is chronisch ondervoed. En het is niet alsof er niet genoeg voedsel is om iedereen te voeden. We maken genoeg voedsel om alle 7.7 miljard mensen te voeden, plus 2 miljard extra mensen. Maar een-derde van wat we maken, wordt niet geconsumeerd. Dit betekent niet dat als we niks zouden verspillen, er geen honger was in de wereld – er zijn nog andere factoren zoals ongelijkheid in welvaart, oorlogen en klimaatverandering die een grote rol spelen in de voedselvoorzieningen in de wereld. Maar voedselverspilling is een gemiste kans om het probleem uit te lichten.

Naast de directe relatie tot wereldhonger, is voedselverspilling een invloed op andere manieren. Voedselproductie maakt een serieuze deuk in het milieu/span>Bron: World Economic Forum
Niet alleen in termen als groen gas, maar ook het opslokken van land, water en energievoorzieningen. Wanneer eten niet wordt opgegeten, zijn er niet alleen al een keer grondstoffen gebruikt het te produceren, maar nu ook om er van af te komen. Wanneer het op de vuilnisbult beland, gaat rottend voedsel schadelijke gassen afscheidenBron: Harvard, inclusief methaan, welke bijdraagt aan de totale voedselverspilling zijn CO2-voetafdruk van 3.3 miljard tonBron: FAO per jaar. Dat is bijna de hele CO2-voetafdruk van de gehele EUBron: Wikipedia voor 2015. En, als voedselverspilling een land zou zijn, nam het de derde plek als wereldwijde vervuiler na China en de VS.

Last but not least, voedselverspilling brengt ook een geldprijs met zich mee. Het laatste uitgebreide EU rapport over voedselverspillingBron: Fusions EU, van 2012, suggereert dat de totale kosten van voedselverspilling ongeveer 143 miljard euro per jaar kost, door de hele EU. Uit dit bedrag is 98 miljard voor de huishoudens te rekenen. Laten we daar dieper op in gaan. De bevolking van de EU is ongeveer 513 miljoen mensen en het gemiddelde huishouden bevat 2.3 mensen. Dat is ongeveer 222.9 miljoen huishoudens. En het betekent dat voedselverspilling per huishouden per jaar, wel 440 euro per jaar kost.

Hoe wordt voedsel verspild?

Het is niet alleen jij en je lunch. Voedsel wordt op elk punt van de voedselketen op een hogere schaal verspild.

30 tot 40% van de voedselverspilling gebeurt tijdens productie en verwerking. In ontwikkelingslanden, gaat het voedsel vaak verloren aan het opslaan in slechte faciliteiten. Bijvoorbeeld, arme boeren kiezen misschien om voorbarig hun gewassen te oogsten, voor snel geld. Als resultaat daalt zowel de nutritionele als economische waarde van de gewassen en wordt de kans dat het verspilt wordt steeds groter. In andere gevallen is de opslag van de oogst of de plek van verwerking niet in orde waardoor het onnodig verspilt raakt op zijn weg naar de consumenten.

Zodra voedsel naar een winkel gaat wordt er nog meer verloren. En dit slechts voor esthetische redenen: volgende keer in de supermarkt moet je eens letten op de perfecte vormen van fruit en groenten. Achter die mooie schil en vorm zit een hoop verdriet voor alle producten die de supermarkten en consumenten nooit halen. Waarom? Vaak gaan supermarkten er simpelweg vanuit dat klanten geen groente of fruit kopen die er niet mooi uitziet, alhoewel klantonderzoeken het tegendeel lijken te bewijzenBron: FAO. Helaas heeft de selectie al plaatsgevonden op het moment dat je er iets van kunt zeggen.

Dat brengt ons naar de plek waar de meeste verspilling in het Westen plaatsvindt – de consument en huishoudens. Nu wordt jouw lunch-restje ook belangrijk. En hier wordt jouw inbreng ook groter. In Europa wordt 53% van eten verspilt door de hand van de consument. Om je te helpen visualiseren: dat is 95-115 kg aan voedsel per persoon per jaar. In Sub-Sahara Africa en Zuid-Oost Azië is het respectievelijke nummer slechts 11 kg per persoon per jaar.

Er zijn een aantal factoren die bijdragen aan dit verschil. De belangrijkste is de houding naar voedsel. Mensen in het Westen hebben meer koopkracht en kunnen dus meer kopen. En, omdat we die kracht hebben, eisen we ook meer – bijvoorbeeld variatie in keuze, wat er voor zorgt dat andere producten minder of niet verkocht worden voor ze gaan rotten of weggegooid (moeten) worden. Maar in contrast tot de grootse waardering die we hebben voor eten en het fotograferen van onze maaltijden, blijkt er toch een grijnsje respect te ontbreken. Denk jij dat je anders bent? Als je in ontkenning bent over jouw bijdrage aan het voedselprobleem, of je bent gewoon nieuwsgierig, kun je deze templateBron: European Week for Waste Reduction gebruiken om bij te houden hoe veel je verspilt en wat de impact is.

Voedselverspilling: een aantal oplossingen

Voedselverspilling is een serieus probleem, maar in plaats van huilen over vergaande melk, is het stukken beter het niet te laten vergaan. Hier zijn een aantal manieren om voedselverspilling te verminderen.

  • Modernisering van de faciliteit

Met name in ontwikkelingslanden, waar de grootste hoeveelheid voedsel al wordt verspilt bij het produceren van voedsel, kunnen kleine veranderingen een groot verschil maken. Bijvoorbeeld: sommige boeren in Azië en Afrika verzamelen hun tomaten in grote zakken, wat betekent dat veel kapot gaan voor ze worden opgeslagen laat staan verplaatst worden. De zakken vervangen voor kratten zou de hoeveelheid aan verloren tomaten al behelpen.
Gelijke succesverhalen kunnen en zijn behaaldBron: The New York Times in verscheidene regio met natuurbeschermende opslagmogelijkheden of het maken van graan silo’s met schimmel resistente materialen.

  • Overheidsinitiatieven

Je denkt waarschijnlijk al aan Frankrijk in combinatie met eten. Nu kun je ook aan Frankrijk denken bij voedselverspilling. In 2016 werd Frankrijk het eerste land ter wereldBron: Reuters die supermarkten heeft verboden om goed voedsel weg te gooien. In plaats daarvan wordt het voedsel doorgestuurd naar goede doelen en voedselbanken. Met als resultaat: minder voedselverspilling en betere verdeling van eten onder rijk en arm.

  • Out-of-the-box oplossingen

Om hier een goed beeld van te krijgen, leggen we de focus op China. Aan de ene kant is het de grootste vervuiler in de wereld en is het nauwelijks een goed voorbeeld van milieubehoud. Aan de andere kant is het een van de weinige landen die een innovatief concept heeft voor het verminderen van voedselverspilling en de impact op het milieu. Hoe doen ze het? Kakkerlakken/span>Bron: Reuters. Miljoenen kleine wezens worden gefokt rondom steden. Elke ochtend wordt al het huishoudelijk afval afgeleverd bij de beestjes. Net als kleine zwijntjes eten ze alles snel op en zijn niet kieskeurig. Als ze doodgaan worden ze gebruikt voor eiwitrijke dierenvoeding of gebruikt voor cosmetische producten en Chinese medicijnen. Het is een efficient en milieuvriendelijker alternatief dan een vuilnisbult.

Kakkerlakken gaan het probleem van voedselverspilling niet oplossen, maar ze zijn wel een grafische inspiratie voor het vinden van vergelijkbare oplossingen op een grotere schaal.

De ultieme oplossing: jij.

Om voedselverspilling compleet uit te schakelen, moeten we verbeteringen op elke halte van de consumeringslaan aanbrengen, van productie tot verkoop en daarna. Dit neemt tijd in beslag en lijken vaak uit de handen van de consument. Maar jouw vermindering van het probleem is zeker nodig.

Dit is wat je kunt doen.

  • Ga vaker winkelen. Koop minder.

Je wilt zo efficiënt mogelijk zijn en zo min mogelijk boodschappen doen, maar er zit een risico aan eten kopen voor een langere tijd. Zelfs al heb je alles tot in de kiem uitgepland, een spontaan dinner komt langs en voor je het weet is je geplande maaltijd slechts een stank in de hoek van de koelkast. Een betere strategie voor eten, voor je portemonnee en de wereld, zou zijn om met kortere interval je eten te kopen. Zelfs al eet je het dan niet die avond, hoef je het minder snel weg te gooien.

Als je wel liever voor een week of langer boodschappen doet, zorg dan dat je de houdbaarheidsdatum in je koelkast goed in de gaten houdt. Gebruik de producten die als eerst over datum gaan, als eerst. En je kunt natuurlijk sommige producten invriezen zodat ze nog langer mee gaan.

  • Weet wat voedsel labels betekenen

Als je eenmaal in de supermarkt bent, ga dan niet de producten uit de weg die bijna over datum gaan. Zolang de ‘te gebruiken tot’ datum nog niet voorbij is, kun je het nog prima eten. En als het aankomt op de ‘best te consumeren voor’ data, die zijn gebaseerd op de optimale smaak en textuur in plaats van veiligheid. Eten is nog steeds veilig om te eten desondanks de verstreken ‘gebruiken voor’ datumBron: European Commission, je moet het alleen wel goed bewaren en je gezonde verstand gebruiken – als het er slecht uitziet of ruikt alsof het niet lekker meer is, moet je het waarschijnlijk niet meer opeten.

In veel landen bieden supermarkten kortingen aan op producten die dichtbij de ‘t.h.t.’ datum komen. Er is een toenemend aantal applicatiesBron: The Guardian die je kunt gebruiken om dergelijke deals in de gaten te houden. Op deze manier help je met het verminderen van voedselverspilling en bespaar je geld. En, als je eten koopt dat vandaag of morgen over datum gaat, ben je misschien meer gemotiveerd er iets mee te gaan doen.

  • Verminder de dierlijke producten

Naast het lichtelijk veranderen van je shopping-gewoontes, kun je ook helpen door vegetarisch of zelfs veganistisch te eten. Op een grote schaal kan deze verandering meer dan 30% vermindering veroorzaken in broeikaseffecten en uitstoot.

Nog niet klaar om afscheid te nemen van vlees en zuivel? Je kunt nog steeds de impact verkleinen door een van je maaltijden zonder vlees te eten, of de grootste boosdoeners (rund- en lamsvlees) te vermijden. Zelfs al zou je de helft van je rundvlees vervangen door plantaardig alternatieven, draag je nog steeds bij aan het behalen van twee-derde van de milieuvoordelenvan een compleet vegan dieetBron: The Guardian.

De afsluitende gedachte

Twee generaties verder, zullen mensen terugblikken op hoe we dit met zijn allen hebben toegestaan en zien gebeuren. Tot slot is het niet het genezen van kanker, je hebt geen expertise of kennis nodig om bij te dragen aan de oplossing. Elke keer dat jij nu boodschappen gaat doen, of iets weg wilt gooien, krijg je de mogelijkheid dat stukje toekomst iets beter te maken. Maak er gebruik van.

Posted on

Biologisch is (niet) beter

Het is een veelvoorkomend dilemma in de supermarkt: je staat in het gangpad tussen een gewoon product en een biologische versie ervan. Je instinct en alle marketing tekens vertellen je dat biologisch beter moet zijn, maar je geest worstelt om een rationele reden waarom. De romantische ‘back-to-nature’ aantrekkingskracht van biologisch voedsel is sterk en moeilijk te overtreffen, maar voor de liefde voor feiten en rationele supermarkt beslissingen, laten we het proberen. Hier is een overzicht van wat biologisch voedsel werkelijk is en hoe het zich verhoudt tot zijn niet-biologische buren op de plank.

Biologisch voedsel, wat is dat ook alweer?

Biologisch voedsel is voedsel dat wordt geproduceerd door middel van biologische landbouw. Dat betekent zonder enige synthetische pesticiden, meststoffen genetisch gemodificeerde organismen, antibiotica of groeihormonen. Biologische landbouw maakt gebruik van technieken zoals vruchtwisseling en begeleidende aanplant, die de biodiversiteit en de bodemkwaliteit op de lange termijn bevorderen. Dat is de zwart-wit definitie. Om het evenwicht te houden, is het belangrijk om een paar punten te verduidelijken.

Allereerst betekent het niet gebruiken van synthetische pesticiden niet dat je geen pesticiden gebruikt. Al dan niet biologisch geteeld, gewassen zijn kwetsbaar voor roofdieren en ziekten, en pesticiden zijn nodig om ze te beschermen. Zowel biologische als gangbare landbouw maakt gebruik van een combinatie van natuurlijke en synthetische pesticidenSource: PAN UK.

Daarnaast hoewel biologische landbouw het gebruik van antibiotica bij vee over het algemeen verbiedt, kan het met beperkingen worden toegestaan wanneer alternatieve behandelingen niet geschikt zijn. Last but not least worden vruchtwisseling en andere bodem verbetertechnieken niet uitsluitend gebruikt door biologische boeren. Gangbare producenten maken er ook gebruik van om de vruchtbaarheid en gewasopbrengst te verbeteren.

Zowel biologische als gangbare landbouw hebben voor- en nadelen. Toch staat de publieke opinie vaak positiever tegenover biologisch geproduceerd voedsel, en veel consumenten vinden het beter voor het milieu, voedzamer, gezonder en veiliger dan gangbaar geteelde productenSource: Swedish University of Agricultural Sciences.

Maar is dat ook echt zo? Laten we een kijken hoe biologische producten zich verhouden tot niet-biologische producten.

Nutritionele waarde van biologisch voedsel

Als het gaat om macronutriënten, vitamines en mineralen, zijn er over het algemeen geen betekenisvolle verschillenSource: Environmental Health tussen biologisch en niet-biologische producten. De beschikbare gegevens wijzen op slechts twee uitzonderlijke gevallen: biologische vlees en koemelk.

Biologische koemelk bevat ongeveer 50% meer aan totale omega-3-vetzurenSource: British Journal of Nutritiondan gangbare melk. Gegevens over biologisch vlees zijn minder consistent met betrekking tot de grootte van het effect, maar ze vertonen nog steeds een significant hoger gehalte aan omega-3-vetzurenSource: British Journal of Nutrition in rundvlees, lam en varkensvlees in vergelijking met conventioneel vlees.

Giftige metalen in biologische en niet-biologische voedingsmiddelen

De samenstelling van bodem en pesticiden heeft niet alleen invloed op het voedingsprofiel van gewassen, maar ook op de aanwezigheid van giftige metalen in de producten. In huidig onderzoek wordt geen verschil gevonden tussen biologische en gangbaar geteelde gewassen als het gaat om de concentraties lood, kwik en arseen. Er zijn aanwijzingen voor significant hogere cadmium concentraties in gangbaar geteelde gewassen in vergelijking met biologische gewassenSource: British Journal of Nutrition. Vanwege inconsistenties in de analyses moeten de omvang en significantie van deze verschillen echter nog worden gespecificeerd.

Antibioticaresistente bacteriën

En duidelijk verschil tussen biologische en conventionele landbouw is het gebruik van antibiotica. De conventionele landbouw is alleen behandeling toepassing in speciale gevallen toegestaan. Het maakt een verschil, wanneer tot 4 keer minder antibiotica die wordt gebruikt in de biologische koeienfokkerij en tot 15 keer minder in de biologische varkenshouderij in vergelijking met conventionele productie.

De antibiotica zelf zijn echter geen potentieel gezondheidsrisico voor ons, omdat producten van dieren die met antibiotica zijn behandelend pas na een bepaalde tijd voor de menselijke consumptie mogen worden gebruikt. Dit betekent dat het dier en dus het dierlijke product op dat moment vrij zijn van antibioticaresiduen.

Het probleem met het gebruik van antibiotica in de landbouw heeft te maken met antibioticaresistente bacteriën zoals E. coli, salmonella en campylobacter. Als antibioticaresistente bacteriën een infectie veroorzaken bij mensen, kan de behandeling erg moeilijk zijn. Het is belangrijk op te merken dat niet alle antibiotica behandelingen kunnen leiden tot antibioticaresistentie bij mensen. En ook: minder antibioticagebruik in de biologische landbouw betekent niet per se dat biologisch vlees vrij is van antibioticaresistente bacteriën. Uitgebreide studies over dit onderwerp zijn beperkt, maar gegevens uit NederlandSource: International Journal of Food Microbiology en de VSSource: Applied and Environmental Microbiology laten zien dat sommige biologische vleesproducten in de detailhandel ook resistente bacteriën bevatten, soms in vergelijkbare niveaus als conventioneel vlees.

Pesticiden

Veiligheid in de context van biologische voedingsmiddelen wordt algemeen aangenomen op basis van de afwezigheid van synthetische stoffen in het productieproces. Van sommige organische pesticiden, zoals kopersulfaat en pyrethrum, is echter aangetoond dat ze minstens even giftig zijn als de synthetische chloorpyrifos en chloorthalonilSource: Scientific American. Het doel van dit te noemen is niet om je van elk soort voedsel af te schrikken. Maar een pesticide is een pesticide. En alleen omdat het van nature voorkomt, wil nog niet zeggen dat het onschadelijk is.

Het is waar dat er residuen van bestrijdingsmiddelen kunnen zitten in zowel biologisch als niet-biologisch voedsel. Het is ook waar dat biologisch voedsel aanzienlijk minder residuen van bestrijdingsmiddelen bevat dan niet-biologisch voedsel. De pesticiden niveaus in zowel biologisch als niet-biologisch voedsel liggen echter ver onder de vastgestelde richtlijnen voor wat veilig is. Een studie in Denemarken schatte dat het risico van cumulatieve negatieve gezondheidseffectenSource: Food and Chemical Toxicologyvan residuen van bestrijdingsmiddelen in voedsel vergelijkbaar is met dat van een glas wijn om de drie maanden. Ontwikkelingslanden, waar voedselvoorschriften niet van kracht zijn of die niet streng worden gehandhaafd, kunnen een ander risiconiveau hebben. Als je echter in het Westen woont, hoef je je geen zorgen te maken over pesticiden uit voedsel. Biologisch of niet.

Het milieu

Biologische landbouw kan het milieu ten goede komen door de bodemkwaliteit te verbeteren en de biodiversiteitSource: British Ecological Societyte bevorderen. De impact op het milieu is echter een veel breder onderwerp.

De hoeveelheid beschikbare gegevens voor een vergelijking tussen biologische en conventionele voedingsmiddelen is niet overweldigend. Voor zover we wetenSource: Our World in Data, is er geen duidelijke winnaar. De meest sluitende resultaten zijn op het gebied van land- en energiegebruik. Biologische landbouw vereist aanzienlijk meer land dan gangbare landbouw en veel minder energie, als je rekening houdt met de energie die nodig is om synthetische pesticiden en kunstmest te produceren. Als het gaat om andere omgevingsfactoren, zoals de uitstoot van broeikasgassen, is de waarheid dat het echt afhangt van het soort voedsel.

Dus als je in de eerste plaats biologisch kiest om de impact op het milieu te verminderen, is je beste strategie niet om over de hele linie biologisch te gaan eten. Als je kiest voor biologische peulvruchten en fruit, maar conventionele granen, groenten en dierlijke producten kiest, heb je een lagere totale uitstoot van broeikasgassen dan wanneer je alleen voor conventioneel of alleen biologisch kiest.

Daarnaast hebben bepaalde soorten voedsel, met name rundvlees, schapenvlees en varkensvlees, een significant hogere milieu-impact dan zuivel, eieren en plantaardige producten. Dat klopt ongeacht hoe biologische ze zijn geproduceerd. Daarom heeft welk voedsel je kiest in wezen meer betekenis voor het milieu dan hoe het werd geproduceerd.

Biologisch of conventioneel?

Terug naar het gangpad van de supermarkt. Voordat je je door je instincten of aannames in een bepaalde richting laat duwen, moet je beslissen wat belangrijk voor jezelf is bij het maken van voedselkeuzes.

Als je je voeding voordeel wilt maximaliseren en je kiest voor rund-, lam-, varkensvlees- of koemelk, kun je beter biologisch kiezen, het levert meer omega-3-vetzuren. Maar als je antibioticaresistente bacteriën in je voedsel probeert te vermijden, kan een biologisch label je dat niet garanderen. Maak je je zorgen over het milieu? Je kunt alles biologische kopen en toch een slechtere impact op het milieu hebben dan wanneer je alleen conventioneel voedsel zou kiezen. Als je de beste milieu keuzes wilt maken, is welk voedsel je kiest belangrijker dan hoe het is geproduceerd.

Het komt erop neer dat een ‘biologisch’ label niet ‘gezonder’, ‘veiliger’ of ‘beter voor het milieu’ betekent. In ieder geval niet over de hele linie. Dus als je rationele voedselkeuzes wilt maken, weet dan wat je prioriteiten zijn en beslis per geval of product.

Bang om essentiële voedingsstoffen te missen die je lichaam nodig heeft? Je kunt altijd onze Jake maaltijdvervangende shakes of een van onze heerlijke maaltijdvervangende repenproberen.